Logo nieuwsbladaltena.nl


Column Dion Bouman: Rijmen en Dichten

Als cultuurbarbaar sta ik natuurlijk een beetje buiten cultureel Nederland. Mijn vermaak bestaat uit het spelen van computerspelletjes en het kijken van films waar hele rissen mensen, terecht en onterecht, de dood in worden gejaagd. Netflix is een van mijn vaste kameraden en biedt mij een blik op series en films met humor en drama. De twee gedichtenbundels die ik in huis heb, sla ik nauwelijks open. Ik denk dat een van mijn lezeressen zich dat heeft aangetrokken en mij heeft uitgenodigd voor het Open Podium in de bibliotheek van Werkendam. Zelf was ik totaal onbekend met dit fenomeen en lichtelijk nieuwsgierig ben ik op pad gegaan. Na een, bijkans, dramatische ontmoeting met kunst een paar weken geleden in Woudrichem vroeg ik me serieus af wat mij nu te wachten stond. Dat het te maken had met gedichten en sowieso Nederlandse taal was mij al duidelijk. Wanneer ik het op een rijmen zet, kan ik ook wel een klein gedichtje in elkaar flansen, dus ik vroeg mij af met welke grootmachten ik zou worden geconfronteerd.

Op papier ben ik namelijk de grote held, maar wat als ik mijn rijmelarij naast deze opeenvolging van woorden zou zetten? In het duister van deze avond in oktober repte ik mij dus een weg naar de bibliotheek en werd geconfronteerd met gratis koffie. En als er iets is in mijn Hollandse ziel, dan is het wel het woord en het te gebruiken van 'gratis' wat mijn hart sneller doet kloppen. Niet veel later zat ik dus met een ouderwets bakkie pleur op een veel te wankel stoeltje voor mijn 130 kilo, om te kijken, maar vooral te luisteren wat het open podium precies was. Het antwoord is kort: gedichten en rijmen. Anderhalf uur lang werd ik ondergedompeld in de rijmende hersenspinsels en verhalen van mensen die veel kundiger zijn met pen en papier dan ik ooit kan dromen te zijn. Tussendoor werd het muzikaal ingevuld door de Vale Gieren. Bij de pauze viel mij wel iets op en dat stemde mij een beetje droevig: Ik ben slecht in het schatten van leeftijden, maar ik durf met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid te beweren dat ik de jongste aanwezige was. Toen de Vale Gieren vroegen of er mensen waren die in de zestiger jaren waren opgegroeid werd er instemmend gemompeld door meerdere aanwezigen. Ik wenste dat het zo was, maar ik heb de val van de Muur nog niet eens bewust meegemaakt. De ironie dat een groot deel van de bibliotheek was gewijd aan de Kinderboekenweek zonder dat er kinderen, of mensen onder de vijfentwintig, in de buurt waren ontging mij niet. Nu snap ik het ook wel, ik heb mijn eigen voorbeeld bovenaan al genoemd. En de kinderen en jongeren van vandaag groeien nu eenmaal op met een tablet in de hand en een oneindige kennis van het internet. Maar toch roep ik de jongeren, die ook maar iets met taal hebben, op om dit evenement, en vergelijkbare evenementen in de omgeving (er zijn er genoeg), met een bezoek te vereren. Taal is wat ons bindt, wat ons onze identiteit geeft. Iedereen heeft er plezier van om gehoord te worden, en het is plezierig om te horen. Bezoek dus gerust, en luister naar onze eenheid, opgeschreven in rijm.

Reageer als eerste
Meer berichten